Project “Gegoten Lood”

 

Dag 2

13 oktober 2010

 

over het discours van de oorlog, de smeerlapperij van de oorlog en zijn recreatieve waarde, de fascinatie voor de dood, en de bepalendheid van beelden in ons beperkte denkraam. Drie sprekers houden het publiek de spiegel voor.

 

 

Felix Villanueva, samensteller van de avond,  heet het publiek welkom op de toneelset van Gegoten Lood. Gegoten Lood overstijgt de autonome status van een kunstwerk, en is uit noodzaak geboren, houdt hij het publiek voor. Het project wil een bijdrage leveren aan het denken over wat een goede maatschappij en een goed leven is. Het is noodzakelijk te blijven geloven in een beschaafde wereld, waarin geweld is uitgebannen.

 

Felix Villanueva

 

Ingrid

 

Erwin Jans (dramaturg): Oorlog is een fysiek fenomeen, maar tegelijkertijd cultureel en symbolisch. Oorlog houdt ook “discursieve oorlog” in, die vaak langer duurt dan het gewapende conflict zelf. De “Koude oorlog” hield reële oorlog buiten de grens. Sinds “Nine Eleven” is er een spectaculaire terugkeer van oorlog en globalisering ervan. Men ging op zoek naar een nieuwe woordenschat, en vele nieuwe oorlogssites ontstonden. Het is ongemakkelijk oorlog als cultureel fenomeen te bestuderen. Je moet je met de “smeerlapperij van de oorlog” engageren, je vuil maken. Aan de oorlogen van de 21e eeuw komt geen mens te pas, en ze verteren het sociale. De machtsstructuur van de 21e eeuw  wil weinig over de oorlog kwijt: “Move on, there is nothing to see here”. Maar tegelijkertijd is oorlog is pornografisch, we worden gevoed met  afschuwelijke beelden waarvan we genieten, en er alsmaar weer naar kijken. Zijn we zonder weerstand tegen de beelden die over ons uitgestort worden? Helaas, “naarmate de politiek esthetiseert, anestetiseert de beleving.”

 

Erwin Jans

 

Cornel Bierens, wijzend naar het kunstwerk van Ingrid Rollema: “Door de informatiemaatschappij is dit allemaal déjà vu, het brengt geen schok teweeg”. In de jaren 60/70 was dat anders, en er was een levendig protestklimaat dat nu niet meer bestaat. Het einde van de Vietnamooorlog is bespoedigd door de intensiteit van het protest. Toch heeft de protestbeweging  op de lange termijn niets geholpen. In zekere zin is de oorlog under cover gegaan, een soort computerspel geworden, en we spelen het gewoon mee, zie de “Universal Soldier” in het lied van Buffy St Marie

He's the universal soldier and he really is to blame
His orders come from far away no more
They come from him, and you, and me
And brother, can't you see

This is not the way to put an end to war.

 

Bierens: “Het idee dat de individuele soldaat gewoon moet ophouden heeft niets geholpen”. Dit brengt hem tot bespiegelingen over de dood. Die raakte als maatschappelijk verschijnsel steeds meer uit beeld, gaat weg uit het maatschappelijke leven. Moeten we dat zien als “een verschrikking”, of juist als teken van “rijpheid van onze cultuur”? Er blijft een fascinatie voor de dood bestaan. Bierens: “Er zijn twee manieren om ermee om te gaan, of je gaat in het leger, of je wordt kunstenaar”. Carvaggio bracht grote kunst voort dank zij zijn confrontatie met de dood. De kunsten zijn nog de enige plek waar de dood uitgesteld kan worden. Hoe kun je de dood kennen? Bierens eindigt zijn presentatie met het declameren van 3 gedachten, waaronder “The anniversary of my death” en Remco Campert’sPoésie”.

 

Cornel Bierens

 

Léon Wecke weet het publiek uit de anesthesie en  berusting te helpen die de vorige twee sprekers hebben opgeroepen. Hij houdt ons voor dat de mens weinig voorstelt (bestaat voor 80% uit water), maar wel overal een oordeel over moet hebben. Mensen zijn net bureaucraten die werken met geprefabriceerde plaatjes. Maar het beeld dat we krijgen is onvolledig en vertekend. En is bovendien cultureel bepaald. Het beeld dat we krijgen is autistisch en leidt tot tunnelvisie.  In essentie bestaat een conflict uit “onverenigbare belangen” die leiden tot polarisatie. Het recht van de sterkste wordt gehanteerd. “Vredesproces”? Dat bestaat niet! De primaire oorzaken van het merendeel der conflicten liggen in politieke en economische omstandigheden, en niet in religie en etniciteit. Vergeleken met terrorisme zijn honger en ziekte veel belangrijker doodsoorzaken. Maar de politiek mobiliseert nou eenmaal graag langs de breuklijnen van de samenleving.

Er bestaat zoiets als staatsterrorisme, en er is een bloeiende anti-terrorisme-industrie die zoveel rapporten produceert dat niemand ze kan lezen. En het gevoel van bedreiging leidt tot saamhorigheid. George W. Bush werd met moeite president, maar werd  echt populair na nine-eleven. Beelden bepalen in hoge mate ons gedrag. We vinden Duitsers “gründlich” en menen dit overal in te herkennen. Ook Wecke verwijst naar het functioneren van de Navo na de val van de muur. De Navo had kunnen overwegen om af te slanken of zich zelf op te heffen maar de organisatie veranderde niet. Wecke geeft aan dat de bureaucratie een eigen leven leidt wanneer hij zegt dat we “materieel aanschaffen, daar personeel bij zoeken, en vervolgens een conflict om ze te kunnen gebruiken”. De zogenaamde  “legitimatie” bestaat uit halve waarheden en hele leugens. Oorlog heeft een hoge recreatieve functie, we kunnen geen genoeg krijgen van de beelden. De democratie, dat is een oligarchie die beslissingen voor ons allen neemt.

 

Leon Wecke

 

Felix Villanueva:  De toon is gezet voor een structureel vervolg voor Gegoten Lood, om de strijd aan te binden tegen de onverschilligheid!

 

Verslag: Sonja Zimmermann

 

Barney