Project Gegoten Lood #2
Vrijdag 11 november 2011
20.00 uur
Lieven de Cauter (filosoof)
Het entropisch imperium.
Van Ground Zero tot Tahrir
Square.
Het post-9/11-tijdperk
vanuit activistisch oogpunt.
Voor een samenvatting zie
onderaan deze pagina.

Introductie door Erwin
Jans





“Opkomend en tanend besef
van de permanente catastrofe, het demografische-ecologische rampscenario van de
expanderende mensheid die op ramkoers zit met een eindig ecosysteem.”




Foto’s
Karin van der Heijden
Lieven de Cauter
Het entropisch imperium. Van Ground Zero tot Tahrir Square. Het
post 9/11-tijdperk vanuit activistisch perspectief
“The current state of the
avant-garde is one of circulating stasis”, aldus Richard Schechner, theatermaker en -theoreticus
die in de jaren zestig intens verbonden was met de internationale
therateravantgarde. De artistieke avantgarde
is in een circulaire stasis aanbeland: er worden mooie en goede artistieke
producten gemaakt, gepresenteerd in goed georganiseerde circuits , met een
eigen gevormd publiek en een goed geïnformeerde kritiek. Maar wat is de impact
ervan? Is kunst in ons posthistorisch tijdperk geen vorm van ikebana geworden?
Een mooi, maar puur formalistisch spel? Hoe kan de kunst opnieuw met
maatschappij en met werkelijkheid geïnjecteerd worden? Kan het reële – de
werkelijkheid in zijn ruwe en vaak afstotelijke
vormen - fungeren als een shock therapie voor de kunst? Maar bestaat dan
het gevaar niet dat er ikebana gemaakt wordt met het reële? Dat er bloemen
geschikt worden met de misdaden tegen de menselijkheid?
2.
Het voorbije decennium
staat in het teken van de war on terror als een planetaire
uitzonderingstoestand. De zogenaamde Patriot Act, die kort na 9/11 in de
VS in voege trad, bevatte een reeks verordeningen die de uitzonderingstoestand
invoerden op Amerikaans grondgebied: huiszoekingen zonder huiszoekingsbevel,
afluisterpraktijken, controle op e-mails en financiële transacties, onbeperkte
voorlopige hechtenis en deportatie van immigranten, brede bevoegdheden om
politieke activisten in de gaten te houden enzovoort. En er was natuurlijk
Guantánamo. Obama, die beloofde Guantánamo te sluiten in één jaar tijd, weet nu
wat dat betekent. Een ruimte buiten de wet, die kan je niet zo gemakkelijk op
een wettelijke manier opdoeken. De mensen die daar zitten, zijn vaak niet eens
officieel in beschuldiging gesteld, dus hoe raak je die kwijt? Je weet niet
eens of het misdadigers zijn, dan wel onschuldigen.
Het voorbije decennium was
ook het decennium van het neoconservatisme. Dat kreeg het scherpst uitdrukking
in The Project for the New American
Century (PNAC). een denktank, opgericht in 1997, die deel uitmaakte van de
neoconservatieve beweging die was opgestart door William Kristol. De
organisatie predikte openlijk de Amerikaanse hegemonie door middel van
militaire agressie. In hun intentieverklaring, de Statement of Principles,
wordt gepleit voor militarisering: na de Koude Oorlog moest Amerika de kans
grijpen om ‘the pre-eminent power’ te worden, de enige wereldmacht.
Daartoe wilde de PNAC het defensiebudget fors verhogen en waren ze bereid om
krachtdadig en vroegtijdig in te grijpen (het idee van de pre-emptive
strike). Amerikaanse belangen en die van hun bondgenoten (lees: Israël) en
het verspreiden (lees: opleggen) van economische vrijheid (lees:
neoliberalisme) werden benadrukt. Veel van de leden van deze vereniging maakten
deel uit van de eerste regering Bush jr.
De oorlog tegen Irak stond
voor de PNAC al lang op het programma. In brieven aan president Clinton
pleitten ze al sinds 1998 voor de invasie. Die oorlog (maar dat weten we
intussen), had dus volstrekt niets te maken met 9/11. Niettemin vielen er 1,2
miljoen doden en sloegen 5,5 miljoen mensen op de vlucht. De invasie en de
bezetting van Irak waren illegaal en zijn een misdaad tegen de menselijkheid.
Ook die invasie van Irak is een uitzonderingstoestand: het internationaal
oorlogsrecht werd terzijde geschoven. (Kofi Annan verklaarde de invasie in 2005
onwettig – terecht, maar wel te laat.) Dat is een van de belangrijkste
krachtlijnen van het decennium: het terzijde schuiven van de wettelijkheid
Het neoconservatisme was
de gewapende arm van het neoliberalisme. Zoals het neoconservatisme sinds de War
on Terror de dominante visie werd voor internationale politiek, zo was en
is het neoliberalisme het dominante discours voor de organisatie van de
maatschappij. Dat neoliberalisme kwam op met Reagan en Thatcher. Het is een
radicale utopie van privatisering en deregulering die, tegen elke evidentie in,
op alle terreinen wordt doorgedrukt. Met één basisrecept: socialisering van de
kosten, privatisering van de winsten. Niet alleen de hele politiek is
neoliberaal: dat neoliberale denken is via het management doorgedrongen tot in
de diepste poriën van onze maatschappij. De universiteit werd een bedrijf, een
leverancier aan de kenniseconomie. We zien zelf onszelf en ons leven als een
bedrijf met een carrière. Het neoliberalisme zit in onze hersencellen.
Het voorbije decennium was
ook het decennium van de ecologische bewustwording en van het tanen ervan. We
botsen onherroepelijk, in de logica van de groei, op de grenzen van de planeet.
We bedreigen ons ecosysteem en onze eigen soort. Het eerste rapport van de Club
van Rome, De grenzen aan de groei, probeerde in 1972 de mensheid wakker te
schudden. Het smelten van de ijskappen en gletsjers, opwarming, tornado’s en
orkanen, het kappen van het regenwoud, verwoestijning, de teloorgang van
biodiversiteit: het stond er allemaal in. Maar het heeft lang geduurd voor de
boodschap eindelijk aankwam. 2006 was het jaar van de bewustwording. Al Gore en
het IPCC (International Panel on Climate Change) kregen de Nobelprijs voor de
Vrede. De mensheid werd zich bewust van drie dingen: het feit van de opwarming
van de aarde, het feit dat die klimaatverandering wel degelijk aan de mens te
wijten was, en dat er dringend moest worden ingegrepen. Helaas. Tegen november
2010 en de klimaattop van Kopenhagen werden weer stappen achteruit gezet. De
top mislukte en uit onderzoek bleek dat het bewustzijn van een nakende
catastrofe inmiddels reeds was afgenomen.
De Arabische lente was als
een heldere bliksem tegen een donkere hemel. Het was meteen het einde van het
post-9/11-tijdperk, en van het neoconservatisme in de internationale politiek.
Amerika’s wereldoverheersing door militaire middelen, onder het mom van nation
building en bringing democracy, werd belachelijk. De democratie wordt met meer
succes ter plekke afgedwongen door de straatprotesten van Tunesië tot Jemen,
van Egypte tot Syrië. Die Arab awakening betekent hopelijk ook het einde van
het islamfundamentalisme. De menigtes van de islamitische wereld bewijzen dat
zij niet Middeleeuws en theocratisch denken, maar democratie, vrijheid en
sociale rechtvaardigheid willen en zelfs bereid zijn daarvoor te sterven.
Een ander lichtpunt is de
Occupy Wallstreet movement en de Indignados. Het spontane verzet van jonge
mensen tegen het neoliberalisme Tahrir Square en Occupy Wallstreet zijn tekens
van hoop in bange dagen: een bewijs van de ongelofelijke kracht en intelligentie
van de menigte, tegenover de verpletterende krachten die ons omringen en de
ongeziene uitdagingen die de mensheid te wachten staan. In geen van beide
gevallen gaat het om een van bovenaf of vanuit één punt gestructureerde
organisatie, maar om wat Negri & Hart ‘multitude’ noemen of
‘zwemintelligentie’. De menigte staat op tegen de Oosterse tirannie en tegen de
Westerse oligarchie.
Everywhere Tahrir Square/Tahrir Square Everywhere.
3.
De drie ‘goede’
regeervormen (Monarchie – Aristocratie –
Democratie) zijn ontaard in hun
tegendeel (Tirannie – Oligarchie – Anarchie). We leven in een
‘entropisch’ imperium. Entropie is een term uit de thermodynamika die de maat
van wanorde van een systeem aangeeft.
4.
Lieven de Cauter: “Activism
is a constant interruption of normal life. Often based on the feeling of being
not only responsible but the last man standing.”
5.
De wereld is uit elkaar
gevallen in een hyper-realiteit en een infra-realiteit. Een realiteit die
hypermodern, zichtbaar, theatraal, zelfgeënsceneerd, gemediatiseerd is en een
realiteit die onzichtbaar blijft, die niet de middelen heeft om zich te tonen, of
die door bepaalde groepen onzichtbaar wordt gehouden omdat ze een onaangename
waarheid toont. De kunst als een para-realiteit kan een rol spelen om deze
kloof te overbruggen, om het onzichtbare – hoe gruwelijk ook – toch zichtbaar
te maken.
(korte samenvatting: Erwin
Jans)
Lieven de Cauter
De alledaagse apocalypse
en het entropisch imperium: beschouwingen over de planetaire uitzonderingstoestand.
Van nine-eleven tot de Arabische Lente (2001-2011)
Het boek kan besteld
worden of gratis gedownload op www.dewereldmorgen.be